04/06/2010 0:09
Aan het onderzoek deden 58 Nederlandse, 46 Marokkaans-Berberse en 55 Turkse kinderen mee, waarbij taalaanbod, taalvaardigheid, het geheugen en de non-verbale intelligentie werden vastgesteld. Scheele toont aan dat frequentie van voorlezen en gesprekken over meegemaakte gebeurtenissen en kennisonderwerpen positief samenhangen met de schooltaalvaardigheid van de kinderen.
Een verrassende uitkomst van het onderzoek: de mate waarin thuis de eerste taal gesproken wordt, bleek geen negatieve impact te hebben op de Nederlandse schooltaalvaardigheid van de migrantenkinderen. Turkse kinderen, die thuis veel vaker aan de eerste taal worden blootgesteld dan Marokkaanse kinderen, konden de opgebouwde kennis in de eerste taal inzetten bij het verwerven van het Nederlands op school. Zij ontwikkelen de Nederlandse schooltaalvaardigheid relatief sneller dan de Marokkaanse kinderen.
Er lijken twee tegengestelde mechanismen te werken bij de taalverwerving van tweetalige kinderen: enerzijds kampen ze met minder aanbod per taal door verdeling van het taalaanbod over twee talen, anderzijds kunnen ze bij het verwerven van de tweede taal gebruik maken van kennis die ze in de eerste taal hebben opgebouwd.
| Datum en tijd: | 11-6-2010 14:30 |
|---|---|
| Locatie: | Academiegebouw, Domplein 29, Utrecht. |
| Promovendus: | Anna Scheele |
| Faculteit: | Faculteit Sociale Wetenschappen |
| Proefschrift: | Home language and mono- and bilingual children’s emergent academic language: A longitudinal study of Dutch, Moroccan-Dutch, and Turkish-Dutch 3- to 6-year-old children |
| Promotor 1: | Prof. dr. P.P.M. Leseman |
| Promotor 2: | Prof. dr. E.P.J.M. Elbers |
| Copromotor 1: | Dr. A.Y. Mayo |